ONDERZOEK KOKMEEUW (Larus ridibundus)

Vogelgrieponderzoek Kokmeeuwen

De Erasmus Universiteit in Rotterdam doet al vele jaren intensief onderzoek naar het voorkomen van Vogelgriep bij wilde vogels. Als vrijwilliger verzamel ik 's winters monsters van alle watervogels die ik ring. Om ook in het broedseizoen meer informatie te krijgen heb ik in opdracht van de Erasmus Universiteit (als medewerker van SOVON) in 2006-2009 onderzoek gedaan naar het voorkomen van vogelgriep bij Kokmeeuwen in broedkolonies. Het gaat daarbij om onderzoek naar het voorkomen van laag pathogene (dus ongevaarlijke!) vormen van vogelgriep. Bij Kokmeeuwen komt met name het subtype H13 en H16 voor. Maar hoe deze subtypes voorkomen is nog onduidelijk.

Resultaten vogelgrieponderzoek in Nederland 2006-2010: Lees verder!

In de winter is minder dan 1:250 Kokmeeuwen besmet met een laag pathogene vorm van vogelgriep. Ook in de zomer constateren we nauwelijks vogelgriep bij de volwassen Kokmeeuwen. Bij jonge Kokmeeuwen in kolonies kan het echter grootschalig uitbreken. De afgelopen jaren hebben we echter pas in juli (vroegste op 28 juni 2008) positieve jonge vogels bemonsterd. Maar in de binnenland kolonies zijn in juli alle jonge Kokmeeuwen al uitgevlogen. Alle monsters van jonge vogels uit juni, verzameld in verschillende kolonies verspreid door Nederland, waren negatief. De positieve monsters hebben we dan ook alleen in de kolonies in het noorden van het land gevonden (Griend, Ameland, De Kreupel en Blauwe Stad) waar begin juli nog volop niet vliegvlugge jonge Kokmeeuwen aanwezig zijn. In 2008 en 2009 hebben we het onderzoek toegespitst op Griend en De Kreupel. Van begin juni tot eind juli zijn hier wekelijks circa 50 jongen bemonsterd. In 2008 was het aandeel positieve vogels veel hoger (maximaal 70% van de jongen positief op 14 juli 2008 op Griend) dan in 2009. En in 2008 en trad de besmetting wat eerder op dan in 2009.

Frank Majoor - © Peter Eekelder 2008

In 2010 zal het onderzoek in beide kolonies worden voortgezet om meer grip te krijgen op de timing van de uitbraak.
En dan de grote onbeantwoorde vraag: Waarom komt die vogelgriep in juli opeens in de kolonies in het noorden van het land?
  1. Is het latent aanwezig en breekt het uit als de jongen op een bepaalde leeftijd dicht bij elkaar zitten? Zo ja, maar waarom gebeurt dat dan niet in juni in de binnenlandse kolonies?
  2. Of wordt het aangevoerd met de Kokmeeuwen die juni op doortrek vanuit het Oostzeegebied in Nederland arriveren? Op zich komt deze hypothese mooi overeen met de datum (eind juni-begin juli) waarop je de eerste geringde Oostzee-broedvogels ziet terugkeren uit hun broedgebied. Maar dan blijft de vraag waarom daar vandaan en is het daar dan latent aanwezig (bijvoorbeeld i.v.m. andere wintercondities)?

Mede om de laatste vraag te beantwoorden zijn we van 28 maart t/m 3 april 2010 in Litouwen geweest om hier volwassen Kokmeeuwen te bemonsteren. Slechts 1 van de 640 monsters was positief… Mogelijk dat het voorgenomen onderzoek in kolonies in het Oostzeegebied (uitgevoerd door locale vrijwilligers) meer informatie oplevert.

Totaal hebben we ruim 600 Kokmeeuwen gekleurringd. De kleurringen die we hebben gebruikt zijn zwart met witte incriptie serie P300 t/m P940. De administratie van de terugmeldingen verloopt via Vytautas Pareigis, e-mail: pareigis@mail.lt.
In de periode april tot en met december 2010 kwamen meldingen uit 12 landen van circa 70 verschillende individuen! Nederland 17, Duitsland 12, Engeland 9, Spanje 8, Frankrijk 7, Polen 5, BelgiŽ 4, Oostenrijk 2, Finland 2, Letland 1, Portugal 1 en Kanaal Eilanden 1.

Klik hier voor een verslag van onze reis naar Litouwen.

Zie onder de foto's:
Foto's © Bram Ubels en Teun van Kessel.
© Frank Majoor. Website update 11-02-2014.
E-mail: